Meditatie december 2019

1 Johannes 2: 12-17.

12 Ik schrijf u, kinderkens, want de zonden zijn u vergeven
om zijns naams wil
13 Ik schrijf u, vaders, want gij kent Hem, die van den
beginne is. Ik schrijf u, jongelingen, want gij hebt
de boze overwonnen. Ik heb u geschreven, kinderen,
want gij kent de Vader.
14 Ik heb u geschreven, vaders, want gij kent Hem,
die van den beginne is. Ik heb u geschreven, jongelingen,
want gij zijt sterk en het woord Gods
blijft in u en gij hebt de boze overwonnen.
15 Hebt de wereld niet lief en hetgeen in de wereld
is. Indien iemand de wereld liefheeft, de liefde des
Vaders is niet in hem.
16 Want al wat in de wereld is: de begeerte des vlezes,
de begeerte der ogen en een hovaardig leven,
is niet uit de Vader, maar uit de wereld.
17 En de wereld gaat voorbij en haar begeren, maar
wie de wil van God doet, blijft tot in eeuwigheid.

Een mooi Bijbelgedeelte over mensen die de Heer hebben gevonden en die bemoedigd worden in deze brief. Het geeft prachtig weer welk een zegen er van het geloof uit gaat. Het gaat over mensen die de Here Jezus in hun hart hebben, mensen die de boze hebben overwonnen, mensen waarin het Woord van God aanwezig is. Broeders en zusters in het geloof. Gelovige mensen die weten dat het Woord van God de waarheid is.

Maar deze mensen worden ook gewaarschuwd voor hetgeen de wereld geeft. De wereld die enorm trekt en die wij niet graag los laten. In een gesprek deze week dat ik met iemand mocht hebben kwam dat ook zo na voren. We willen wel bij God horen maar we willen niet altijd alles aan Hem geven. We kwamen toen tot de conclusie dat de duivel wel heel slim te werk gaat en als we de deur voor hem maar op een heel klein kiertje laten staan, dat hij het gelijk aangrijpt en ons weer op het verkeerde spoor te brengen. Dit Bijbelgedeelte zegt dat we de wereld en alles wat er in is niet lief moeten hebben,

16 Want al wat in de wereld is: de begeerte des vlezes,
de begeerte der ogen en een hovaardig leven,
is niet uit de Vader, maar uit de wereld.

Duidelijke taal!, maar o zo moeilijk in de praktijk te brengen, omdat we de dingen van de wereld zo interessant vinden. Maar het is zo dat als we de deur op een kier laten staan dan geven we het kwade de gelegenheid om in ons leven te gaan werken (op een negatieve manier).

We moeten voor hem de deur sluiten en ons voor 100 % overgeven aan onze God en dan gaat Hij op een positieve manier in ons leven aan het werk. En dan krijgen we het mooiste wat we maar bedenken kunnen. Namelijk:  Leven met Hem nu en straks in  alle eeuwigheid.

Harry de Raaf
Voorganger Bethel